vrijdag 22 januari 2010

Nieuwjaar in de binnenstad van Amsterdam

‘Nieuwjaar in de binnenstad van Amsterdam’

“He man, paas me die champagne eens!”, zegt een Surinaamse jongen tegen zijn vriend.
Het is 31 december, 23:30 en de Nieuwmarkt in Amsterdam is gevuld met dik aangeklede mensen. In het midden van het plein is ‘In de Waag’. Een café/restaurant in een monumentaal pand wat nu gesloten is. Het gerucht gaat dat er bij ‘In de Waag’ ooit heksen zijn verbrand.
Er wordt al vuurwerk afgestoken en de aanwezigen praten luid met elkaar. Het publiek bestaat uit verschillende nationaliteiten, jong en oud, nuchter en dronken. De sterke geur van vuurwerk hangt al op het plein voordat de klok twaalf uur heeft geslagen.

Een blond jongetje van rond de zes jaar zegt tegen zijn vader: “Pappaaaa, wil jij mij even optillen?” Achter hun staat een homopaar in strakke leren broeken te zoenen. “Wat doen zij daar?”, vraagt het jongetje aan zijn vader. De man reageert niet en praat enthousiast verder met een man naast hem. Het plein staat al vol maar nog honderden mensen komen aangelopen om een goede plek te bemachtigen.
Twaalf uur nadert en het vuurwerk wordt klaargemaakt voor gebruik. De mensen op de Nieuwmarkt tellen af tot het nieuwe jaar. “Tien, negen, acht, zeven, zes, vijf vier, drie, twee, één!”Luid geknal barst los en in de lucht is kleurrijk vuurwerk te zijn. De geur van het vuurwerk is nog doordringender dan een half uur eerder.
Mensen wensen elkaar gelukkig nieuwjaar en de champagneflessen worden ontkurkt.
“Gelukkig nieuwjaar schat!”, zegt de moeder van het blonde jongetje tegen de vader. Het jongetje zit geklemd tussen zijn vader en moeder en heeft zijn vingertjes in zijn oortjes gedrukt.

Een hond die door mensen is meegenomen zit met de staart tussen de poten en kruipt weg achter zijn baasje. De punker let niet op zijn hond en is bezig een joint te roken. Zijn aanhang is net zo stoned als de punker zelf.
Het vuurwerkgeknal gaat nog zeker een uur door en de mensen verlaten het plein en lopen richting de Wallen. De grond ligt bezaaid met rood papier en bekertjes waar mensen bier uit hebben gedronken.

Op een woonboot wordt een duizendklapper afgestoken. Mensen staan op de brug naar het lawaai te kijken alsof ze werkelijk iets anders kunnen zien dan rook. Een meisje draait zich om omdat iets in haar oog is gevlogen. De tranen rollen over haar wangen en haar vriend kijkt naar haar oog. Er is niks te zien maar het meisje is toch van slag.

Het is inmiddels twee uur en er zijn steeds minder mensen op straat. Elke horecagelegenheid in de buurt is voor die ene keer in het jaar vol gevuld met mensen. Mensen gaan weg uit het centrum richting huis of illegale feesten. De nieuwjaarsnacht in Amsterdam is voorbij.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen